Franco ‘Bifo’ Berardi – Futurability

Berardi wil zich niet neerleggen bij de hedendaagse technologische ontwikkelingen en onderzoeksprogramma’s die bezig zijn onze toekomst vast te leggen. Volgens is zo langzamerhand alles aan het automatiseren. Automatisering is de ultieme vorm van onderwerping, schrijft Berardi. Automatisering betekent: tot automatisme gemaakt, maar ook gecontroleerd, gemonitord, bemiddeld, in protocollen en op basis van algoritmen vastgelegd. De toekomst moet niet worden vastgelegd. De toekomst bestaat uit een heleboel mogelijkheden die nu, op dit moment, nog onzichtbaar zijn maar wel al aan de oppervlakte sluimeren. Het gaat om de veelheid van mogelijke toekomsten die in het heden zitten vervat. En voor die veelheid wil Berardi opkomen. Vibraties, selectie, herschikken, nieuwe combinaties: dat soort woorden gebruikt hij om te omschrijven waar hij naar op zoek is. Juist ook ons denken, leren en kiezen is geautomatiseerd. Het is dus een beetje zoekend geschreven, op zoek naar een manier van schrijven en denken die daar enigszins aan weet te ontsnappen, die de veelheid aan mogelijke toekomsten ruimte geeft.

Negri helpt daarbij, maar is volgens Berardi uiteindelijk toch ook ‘retorische viagra’. Deleuze en Guattari zijn de belangrijkste referenties voor Berardi door het hele boek heen. Ook Baudrillard is een relevante verwijzing bij zijn hier besproken denken. Maar bij het refereren aan Baudrillard lijkt het toch wat mis te gaan. Berardi haalt hem enkel aan als het gaat over het ‘sociale’, wat hij introduceert door vooral aan te geven dat Thatcher evengoed als Baudrillard aangaf dat het sociale (en ook ‘society’) niet meer bestaat. Hiermee wordt Baudrillard op een rare manier in zijn verhaal verweven. Ook als hij Baudrillards ‘onjuiste voorspelling’ over schuld aan haalt, dan pakt hij een zeer selectieve quote en is het maar zeer de vraag of Baudrillard dit wel als voorspelling heeft geschreven. En juist ook als hij verder ingaat op bijvoorbeeld McLuhan, geld, terrorisme – waar Baudrillard wel degelijk een waardevolle referentie had kunnen zijn – is Baudrillard de grote afwezige in zijn referenties. Enkel waar Baudrillard aangeeft dat waarde overal los van gezongen is, dan lijkt Berardi hem gelijk te geven, terwijl hier Baudrillard nog veel verder gevolgd had moeten worden. Hoe dan ook, op basis van Hegel, Marx en Berardi’s geliefde theorie omtrent een ‘general intellect‘ beschrijft Berardi zijn visie met verwijzingen naar alles wat je aan filosofie zou verwachten. Hij blijft toch nog altijd diep geworteld lijkt in het operaïsme en stemt volledig in met wat Marcuse analyseerde onder de noemer ‘eendimensionale mens‘. Geen revolutie wil hij, geen opstand, maar hij hangt een toch wat naïeve opvatting aan over onze mogelijke bevrijding van werk door technologie en meer ‘zorg’ voor onszelf en elkaar. Dat is zo ongeveer zijn positie en denktrant.

Berardi probeert het concreet te maken door in te gaan op hedendaagse thema’s. De ‘witte mannenwereld’ toont volgens Berardi op verschillende gebieden een opvallende impotentie. Denk aan de terroristische aanslagen die nauwelijks voorkomen kunnen worden en de financiële automatismes die niemand aan banden weet te leggen. “Now we life in a world of embedded game over”, schrijft Berardi. Berardi schrijft over uiteenlopende zaken als Obama, de Hunger Games en de film la Haine. Ook mcKenzie Wark en Foucault worden op een verrassende manier aangehaald. Schopenhauer wordt op een verrassende wijze juist aan de kant geschoven, ondanks de toch verwante pessimistische blik. Misschien zijn we in een tijd beland waarin er nauwelijks meer mogelijkheden zijn, vraagt hij zich af. En daarom zoekt hij misschien overal om hem heen bij allerhande denkers en thema’s rond om mogelijkheden te verkennen.

En dat lijkt precies ook waar hij toe oproept voor elk ander. Die mogelijkheden zitten uiteindelijk volgens Berardi namelijk vooral in ons bewustzijn van onze kennis (knowledge). En juist dit zoekend soort kennisvorming wat hij hier laat zien, waar met wisselende blikken naar allerlei verschillende betekenissen van zaken wordt gekeken is noodzakelijk. Het onderwijs speelt daarmee een belangrijke rol in de oplossing die Berardi voorstelt, om juist bewustzijn van kennis te vergroten.

“The consciousness of knowlegde is the way to the emancipation of the future, but this way is obstructed by the privatization of the educational system, of research and of the entire cycle of invention. Knowledge is not about truth, or about discovering and displaying the essential reality – it is rather about the creation of meaning and the invention of technical interfaces projecting meaningfulness into reality”.

En dat kan worden gelezen als een opdracht aan alle onderwijzers en leraren. We moeten het onderwijs richten op het creëren van betekenis. Dat betekent ook weerstand bieden tegen een dominante trend die daar haaks op staat. Toenemende productiviteit door machines, meer vrijheden voor de werkers, iedereen kan opleiding genieten: maar het komt vooralsnog allemaal neer op een toename van uitbuiting.

“The institution of the university, as we have known it in the age of modernity, was unfit to deal with networked intelligence and the humanist legacy was in need of a reformation. Techno-financial reason has taken charge of this reformation. Public education has been impoverished by the neoliberal ruling class: dismantled, precarized, and finally replaced with a system of market-driven recombination of fragmented skills and competences whose meaning escapes even the learner. Innovation is celebrated, but it is only allowed within the framework of the theological dogma of private profit and infinite growth.”

We moeten weer de autonomie van het leerproces heroveren. De evaluatie en formatie van ons leren moet niet in andermans (winstgestuurde, innovatieve, marktgedreven, neoliberale) handen komen. Publiek onderwijs is noodzakelijk, de wetten van de financiele economie moeten buiten de onderwijsinstellingen blijven. Berardi werkt zijn ideeen voor het onderwijs niet erg diepgaand uit, maar probeert wel duidelijk te maken waar volgens hem de angel zit om zo ons bewustzijn te vergroten en onze solidariteit te zoeken:

“… the educational system is changing in its nature: in the spirit of neoliberal reformation, it is no longer the space for the integration of technical skills and humanist culture. It is being transformed into a space of mere acquisition for specialized knowledge, a space where individualisme and competition are cultivated to the detriment of solidarity and consciousness. Here – in the neoliberal transformation of the educational process – lies the ultimate danger of the final desertification of the future of humankind.”

Deze boekbespreking is geplaatst binnen de volgende categorieen: 2017, Berardi, Deleuze en Guattari, Diversiteit, Eigentijds onderwijs, ICT in onderwijs, Marcuse, Marx, Onderwijswoorden, Recente publicaties, Schopenhauer, Toekomstgericht

Geef een reactie